Voor specifiek op uw situatie toegesneden advies kunt u zich wenden tot De Vries & Metman. Het eerste oriënterende gesprek van ca. een half uur is kosteloos en vrijblijvend. Hiernaast vindt u alvast nadere informatie over diverse aspecten die bij het gesprek aan bod kunnen komen.
Octrooirechten zijn territoriaal begrensd, wat wil zeggen, dat elk octrooi slechts in één land bescherming biedt. Voor elk land moet dan ook een afzonderlijke octrooiaanvraag worden ingediend. Dit is uiteraard omslachtig en relatief duur en een groot aantal Europese landen heeft daarom ook een verdrag gesloten, het Europees Octrooiverdrag, waardoor het mogelijk is met één enkele Europese octrooiaanvraag voor meerdere landen octrooi te krijgen.
De landen die op het ogenblik (stand 1 augustus 2011) in een Europese octrooiaanvraag kunnen worden aangewezen zijn: Albanië, België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Groot Brittannië, Hongarije, Ierland, IJsland, Italië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Kroatië, Macedonië, Malta, Monaco, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië , San Marino, Servië, Slovenië, Slowakije, Spanje, Tsjechië, Turkije, Zweden en Zwitserland (incl. Liechtenstein).
Europese octrooiaanvragen moeten worden ingediend bij het Europees Octrooibureau, waarvan de hoofdvestiging zich in München bevindt. Er bevindt zich echter ook een belangrijke vestiging in Nederland (Rijswijk). De verleningsprocedure voor de Europese octrooiaanvragen begint met een beoordeling van de octrooiaanvraag op formaliteiten en het uitvoeren van een nieuwheidsonderzoek. Tegelijk met het nieuwheidsonderzoek wordt een eerste voorlopige beoordeling ten aanzien van de octrooieerbaarheid gegeven. De hele verleningsprocedure neemt gemiddeld 2 tot 4 jaar in beslag, waarbij de aanvrager zelf deze duur kan beïnvloeden door al dan niet snel te reageren op acties van het Europees Octrooibureau. Het is mogelijk de verleningsprocedure te versnellen door het indienen van een verzoek om versnelling van de procedure. Bij de indiening van een Europese aanvraag worden in beginsel automatisch alle bovengenoemde landen aangewezen. Tijdens de verleningsprocedure moet een aanwijzingstaks worden betaald. Na verlening van het Europese octrooi moet het Europese octrooi in de gewenste landen worden gevalideerd. In veel landen is voor het valideren van een Europees octrooi vereist dat een vertaling van het Europese octrooischrift in de betreffende landstaal wordt ingediend. Echter, als gevolg van de zogenaamde Overeenkomst van Londen, die op 1 mei 2008 van kracht is geworden, hebben verschillende landen afgezien van (een deel van) de vertalingseisen. Zo is in de volgende landen in het geheel geen vertaling (meer) nodig: Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Luxemburg, Monaco en Zwitserland. In een andere groep landen, waaronder Nederland, behoeven alleen de conclusies te worden vertaald in de betreffende landstaal, terwijl de beschrijving in het Engels mag zijn.
Het verleende Europese octrooi valt in de verschillende landen onder de nationale wetgeving, zodat de enkele Europese octrooiaanvraag uiteindelijk een bundel van weliswaar samenhangende maar toch afzonderlijke, octrooien oplevert.